?

Onfris I

Het valt in Nederland misschien allemaal wel mee met onfrisse politici en viezige praat op radio en televisie. De asociale media spreken voor zich.

Italië zat ooit in zijn maag met Silvio Berlusconi. Geen idee hoe ze van hem afgekomen zijn. Nieuwe sterren aan het firmament, van ronduit corrupt tot nogal dictatoriaal toe: Vladimir Putin en Recep Erdoğan. Donald Trump heeft anno maart 2017 in dezen mogelijk nog een schone lei maar duidelijk is wel dat hij grossiert in on­ge­zond nationalisme, xenofobie, seksisme, haatzaaierij en megalo­mane paranoia. Schone lei …? Bekijk voor de grap de twee afleveringen van Zembla over Trumps contacten met de Russische maffia. (Met excuus voor die klote-reclame aan het begin.)
Al valt het dan mee, toch vind ik dat er de laatste tijd, sinds een jaar of vijf à tien, een flink stinkende wind door ons lage landje waait.

Misschien is het rond 1993 begonnen met de term ‘politiek correct‘.

(Volgens Chris van der Heijden in De Groene Amsterdammer (jaargang 141-18) zit het toch iets ingewikkelder. De Chinese communisten duidden er ooit de officiële partijlijn mee aan. In de zestiger jaren nam links Amerika het begrip over maar het sloeg niet echt aan. Het ironische, sarcastische gebruik door politiek recht vond wel ingang en waaide in 1991 over naar Nederland en Europa.)

Politiek correct staat dan voor ‘wegkijken en verhullen van problemen’ om ver­volgens ‘niet de gepaste maatregelen te durven nemen’. Taalkundig bezien is ‘politiek correct’ en wat ermee aangeduid wordt, al een verkrachting van de taal. Woord­kunstenaar Big Brother, bedenker van o.a. ‘dubbeldunk’ en ‘dunkstop’, kan hier nog een puntje aan zuigen. Correct …? Denk even na over: ‘Wij zijn niet blij met uw correcte rijgedrag.’ of ‘Uw correcte optreden is verachtelijk.’ Opmerkelijk: de tegenstan­ders van ‘politiek correct’, waarschijnlijk dus voorstanders van ‘politiek incorrect’, maken hun keuzen mijns inziens helemaal waar. Eén voor­beeldje: ander­en vooral zwaar-zwaarder-zwaarst straffen maar de eigen snel­heids­bekeu­ring liefst laten lopen.
Pim Fortuijn gaf de taalvervuiling in 2002 een volgende zwiep met ‘De puin­hopen van Paars‘, ‘politieke elite‘ en dergelijke. Paars was zeker niet perfect in alles maar van grootse en alomtegenwoordige puinhopen was geen sprake. En hoe om te gaan met een ‘elite’? De veearts beweert mijn blindedarm er voor een prik­kie uit te kunnen halen … Ik ga toch liever naar zo’n elitaire chirurg. Verder kan ik mij erin vinden dat de Nederlandse dammen, dijken en wegen niet aange­legd worden door Beun de Bouwhaas. Van mij krijgt een gestudeerde verstand­heb­ber de voorkeur.
Met Fortuijn ging de deksel definitief van de beerput der publieke opinie. Weer een voorbeeld: als de Amsterdamse metro er voor de tweede keer in korte tijd mee ophoudt, mag een volksvrouw – zonder enige tegenspraak – op de nationale radio blaten “Se sittu er bij het GVB alleen maar foor sigself.”
Andere leugentjes die je het zicht op de realiteit benemen maar die toch alge­meen gebezigd worden:

(Ik zocht naar een equivalent van die ‘puinhopen’ en zo kwam ik op ‘fascisti­sche fabels’. Ik moet toegeven dat de kreet van Fortuyn leuker is. Misschien is ‘ram­pen van rechts’ gepaster. Volgens mij zijn ze vooral bedoeld om de ‘gewone man’ een rad voor ogen te draaien en/of tussen de raderen te laten komen.)

*** Gewone mensen zijn wijs en verstandig genoeg om te kiezen.
Leuk hoor, al dat kiezen … Ik word gewoon ziek van de keuzestress als ik alleen al aan ziektekostenpolissen denk. En als ik zo’n club wil bellen voor advies, zit ik met het volgende probleem: welke telecommer gaat mij nou helemaal happy maken? Ik blijf achter in de kou: kan ik mijn energiemaatschappij wel ver­trou­wen? Gelukkig heb ik me niet, zoals vele Henken en Ingrids wel, gek laten maken met groeihypo­theken of woekerpolissen.
*** En dan hebben we nog de mondige burger.
Zo’n mondige burger zal geen moeite hebben met deze definitie uit de Dikke Van Dale. ‘Mondig’ is ‘het vermogen om uit de waargenomen verschijnselen gevolg­trekkingen af te leiden omtrent de wezenlijke gesteldheid van de dingen’. Luister één keer naar Stand.nl en je bent genezen. Je hoort vooral sukkelige, egocen­tri­sche schreeuwlelijken.
*** De kiezer heeft altijd gelijk.
Heeft de kiezer gelijk? We hebben het maar te doen met verkiezingsuitslagen. Iets beters is er niet maar het verleden leert ons een paar griezelige vergis­sin­gen.

Het peloton leugenzakken en stemmingmakers wordt al een aantal jaren aan­ge­voerd door Geert Wilders. “Ik ben de stem van het volk” en “Ik geef Neder­land terug aan de Nederlanders”. Zie Zondag met Lubach (van 00:07:35 tot 00:26:00) en misschien ook de blogjes Woorden van Wilders I t/m IV op deze site. Premier gaat hij vast niet worden en waarschijnlijk wil hij dat ook helemaal niet. Om na 15 maart te kunnen blaten: “Dit waren nep-verkiezingen die gemanipuleerd zijn door de elite. Met mij zijn miljoenen Nederlanders weer eens monddood gemaakt.” Op naar een volgend verschrikkelijk ‘politiek proces’.
Jan Roos en Jan Dijkgraaf maakten, voordat ze in de politiek gingen, voor PowNed het zondagnachtelijk radioprogramma ‘De Jannen’. Het lukt me heus wel om gewoon-slechte media-uitingen aan te pakken maar dit was dermate vunzig dat ik er geen passende woorden van kritiek voor kon vinden. Roos viel op 28 februari door de mand bij Pauw en Jinek. Hij probeerde nog te glippen door zijn radiobagger goed te praten als zijnde een soort cabaret. Daarvan was toen wei­nig te merken: in alles hing hij de wakkere journalist uit. Van echte cabaretiers kan ik veel hebben, heel veel. Maar er zijn er ook die gewoon ordinair zijn en niet leuk, bijvoorbeeld ene Böhmermann en onze Hans Teeuwen. Maar Jan Roos was erger! [Op zondag 8 juni 2017 haakte Jan Roos politiek af. Dijkgraaf was al gestopt.]
Tunahan Kuzu en Selçuk Öztürk kregen op donderdag 2 maart 2017 van onder uit de zak van Kamervoorzitter Khadija Arib: “Kuzu en Ozturk zijn collega’s aan het verketteren en demoniseren. Dat is ongekend in onze parlementaire geschie­de­nis. […] Zij tasten het aanzien van de Tweede Kamer aan.” Om nog maar niet te spre­ken over het aanzien van Turken en Marokkanen. Kuzu op 9 juni 2017: “Binnen twintig jaar is Denk de grootste partij.” God beware me en Allah zijn Kuzu. Je zult toch maar zo gek zijn ;-).
Thierry Baudet van Forum voor Democratie is een twijfelgeval. Is híj nou zo dom of ben ìk nou zo slim? Zo beklaagt hij zich over ‘het conglomeraat van politieke partijen en media’ waardoor hij buitenspel gezet wordt. Volgens Baudet is Nederland eigenlijk een éénpartijstaat. Ach-ach, de ziel, de schat. Quod licet Iovi, non licet bovi, zullen we maar zeggen ;-). Een glibbergriezelige en op de keper beschouwd ook een uiterst domme en bekrompen uitspraak van deze daftige heer: “Die zelfhaat die we proberen te ontstijgen [..] door de Nederlandse bevolking homeopathisch te verdunnen met alle volkeren van de wereld, zodat er nooit meer een Nederlander zal bestaan. Zodat wie wij zijn, niet meer gestalte kan krijgen.”
Sylvana Simons heb ik voorlopig van mijn viespeukenlijstje afgevoerd. Sinds ze uit de kast is met haar Artikel 1 komt ze beter uit de verf dan in haar Pieten­praat- of Denk-tijd. Haar keuze voor Gloria Wekker en Anja Meulenbelt als lijst­duwers baart me weer zorgen.
Over Jacques Monasch kan ik kort zijn: PVV-light, zoals hij zelf zegt. Een bij voorbaat mislukte poging tot verongelijkte identiteitspolitiek.

Aan Onfris II – over misselijke rtv en mediamensen – wordt nog gewerkt.

One Response to “Onfris I”

  1. ruud weerman Says:

    Dag Frans,

    Wat is het toch leuk om het met je oneens te zijn.
    Ver voor Fortuijn was de SP hier ook al mee bezig [folder heb ik je ooit eens gestuurd] en die brave vadertje Drees bleek ook al iemand die nu een extreem racist met fascistoïde ideeën genoemd zou worden.

    Groet Ruud.

    Recapitulerend: in zijn politieke testament vaart Drees andermaal uit tegen de massa-immigratie, spreekt zich uit voor remigratie en, wat vluchtelingen betreft, bepleit hij wat later ‘opvang in de eigen regio’ is gaan heten.
    Ook in zijn allerlaatste interview, op 98-jarige leeftijd, wijst hij op het belang van remigratie:
    Door te veel buitenlanders toe te laten, is een aantal problemen geschapen op het gebied van werkloosheid, woningnood en onderwijs. De grote fout die men heeft gemaakt, is dat toen de werkgelegenheid terugliep, men ervoor is teruggeschrokken de harde bepaling te aanvaarden dat buitenlandse werknemers zouden moeten terugkeren naar hun land. Men heeft gezegd: ‘Blijf maar hier en laat uw gezinnen overkomen.’ Die gezinnen zijn talrijker dan Nederlandse, waardoor de moeilijkheden groot zijn geworden.

Plaats een reactie