?

Gezellig LinkedInnen

OnzeTaalIk neem met dit blogje afscheid van LinkedIn – Onze Taal. Ik las het blad van Onze Taal enkele jaren met plezier dus de groep zou ook wel boeien. De reden om met de groep te kappen … Een leuk voorbeeld van onleuk internet.

Je moet een verzoek indienen om toegelaten te worden. Alzo geschiedde. Na een week of twee, drie nog steeds geen reactie. Op de gestuurde in-mail aan de mod­erator komt de vraag, vrij weergegeven: ‘Hoezo dat ik gezien mijn profiel belang­stelling heb?’ Daar kan ik me wat bij voorstellen want er staat ‘Indepen­dent com­puter professional’ of iets dergelijks in mijn profiel. Ik reageer met de oprechte mede­deling dat ‘taal’ me zeer ter harte gaat. Wat ik niet direct meld, is dat ik mijn blogjes over Freinet met betrekking tot taalonderwijs wil gaan aanbe­velen.
Na de entree start ik een discussie met een verwijzing naar ‘Katjes, een homo­niem’. Iets over taalonderwijs moet boeien, toch? De discussie wordt ‘in de wacht’ gezet. Men is hier blijk­baar echt streng. Zó streng dat mijn inbreng over de kling gejaagd wordt, overigens zonder enig bericht. Zeer streng maar niet erg fatsoenlijk …

Ik laat me de pret niet drukken (opzettelijke haspel). Het blad was leuk en vaak echt inte­res­sant en via de site laat ik me regelmatig helpen. Dan zal de LinkedIn-groep ook de moeite waard zijn. Ik schrijf in op de discussie ‘Ter leringh ende vermaeck’. De moderator hiervan belooft:

“Voor alle grappige, verwarrende of vindingrijke taaltreffers of -missers. Een topic om vrolijk van te worden, te genieten van de schoonheid van onze taal.”

Ik houd van taalgrappen en -grollen.
Ik bekijk dertig – veertig oude bijdragen en die gaan zowat allemaal over gekke en grappige eigennamen. Ik had anders verwacht, meer variatie. Maar ‘dat’ (dat een draadje ontspoort) kun je hebben. En leuke namen zijn niet verkeerd. Ik besluit dus ‘effe’ een duitje te doen vanuit mijn waslijst. Ik selecteer op namen die waar­schijnlijk nog niet gepasseerd zijn (bur­ge­meester Eland en dominee Bok uit Epe i.v.m. de MKZ-crisis) en namen van mensen die ik kende (Knoop, Snoei). De bij­drage wordt zonder pardon geaccepteerd. Er komt zowaar bijna direct een reac­tie van ene Thony van Gerwen.

Ik was mijn bericht voorzichtig begonnen. Eerst stelde ik de vraag of het ‘hier’ alleen om namen ging. En dan of er in het Nederlands ook ‘getalnamen’ bestaan zoals in het Frans, bijvoorbeeld ‘André Armand Vingt-Trois’. Ik kom niet verder dan Frits van Drie. Mijn lijst met namen volgt.

De reactie van Van Gerwen … een paar citaatjes:

  • … in dit laatste niets ten nadele van @frans …
    Bestaat dat: ‘… in dit laatste …’? Maar gelukkig ‘… niets ten nadele …’ 
  • … het is immers zijn eerste bijdrage …
    ??? Misschien smaakt dit als lichtjes hautain?
  • … hoewel ik wel wat vragen heb bij sommige van de vondsten …
    Welke vondsten worden bevraagd? Opdat ik die zou kunnen verklaren.
  • … die alleen met uitleg mee mogen doen …
    Hoezo bepaalt wie welke grapnamen mee mogen doen?
  • … wat natuurlijk aan mij en mijn semantische blinde vlekken ligt …
    Semantiek … betekenisleer. Deze blaaskaak erkent dus aan een enge ziekte te lijden.

Een fatsoenlijk antwoord op de vragen die ik stelde kan er niet af en hoofdletters ontbreken. Blijkt later dat deze mijnheer hoofdletters en interpunctie volgens een ‘eigen systeem’ toepast ;-).
Er volgen beiderzijds nog wat berichtjes en ook anderen geven commentaar. Het wordt er niet beter op.
Ik zoek de antecedenten van de eerste ‘wijze’ reaguurder. Hij studeerde univer­si­tair en beweert ergens cum laude afgestudeerd te zijn. Tsja, kun je dit geloven na deze onzin? Ik krijg de indruk dat hij zinsconstructies als ‘sorry’, ‘foutje mijner­zijds’, ‘jij hebt gelijk’ niet uit zijn strot, toetsenbord of zelfs in de bol kan krijgen. Een verve­lende beperking, lijkt me maar ik kan (zal) me hierin ver­gis­sen. En het kan zo maar zijn dat deze ‘wijze’ raakvlakken heeft / zou kunnen voelen met ‘De drukpers op school’ (Freinet) gezien zijn uithangbord als ‘taal­druk­nomade’. Maar vanwege zijn onsmake­lijkheid ga ik het maar niet proberen uit te zoeken. Andere leden van de groep vinden hem blijkbaar wel leuk.

Het regent berichtjes uit deze groep, over van alles en nog wat. Bij vele ervan ontgaat me de grappigheid maar één ding wordt duidelijk: het gaat ‘hier’ om meer dan alleen om eigen­namen. Een voorbeeldje: tien reacties op het bericht dat twee brandweermannen verdrinken in de Ourthe bij het redden van een zwaan. Ik vind niet een taalfout en ik vind het ook niet een echt grappig bericht. Of je ziet een verband met ‘de stervende zwaan’.
Ik zet de stroom mails maar stil.

Verder is er het groepje ‘O o, reclame’. Zou interessant kunnen zijn want rtv-reclame is een nagel aan mijn doodskist. Maar ook hier veel, heel veel flauwe­kul­letjes. Op een gegeven moment vindt die taaldruknomade het nodig om predikan­ten af te zeiken. Dat ze meer belangstelling hebben voor de doden dan voor de levenden. O o, wat gees­tig toch! Een correctie – ja heus – volgt op mijn narrige reactie. Een andere reactie: dat ik wat aan mijn gevoel voor humor moet doen. Dat advies is in zichzelf al grappig.

Weet iemand misschien of er ‘getalnamen’ bestaan in het Nederlands?

Plaats een reactie