?

New York (en andere reisjes), deel I

Ik moet ūüėČ mee: gezellig de Kerst vieren m√®t familie, b√≠j familie in New York.

Een eerder plan om af te reizen naar de Verenigde Staten¬†had ik kunnen torpe­de­ren. Het alternatief werd toen een paar dagen Terschelling. Daar kon ik vrede mee hebben: autorit, boottochtje, stuk fietsen en klaar. Wandelen langs het strand en door de duinen. Af en toe uit eten, een ‘goed gesprek’ op zijn tijd. En vooral veel lekkere rust.
Het noodlot sloeg toe. Of we toch nog naar New York wilden, want buitenkansje: we konden onderdak in het appartement van kennissen. Ik heb de beslissing, voor haar èn voor mij, toen maar bij mijn partner gelegd. Met de kanttekening dat het voor mij niet hoefde.
Zo is het dus gekomen …
Als ik ‘er’ (Barcelona, Kopenhagen) eenmaal ben, valt het altijd wel mee. Zo’n verre stads¬≠vakantie is zelfs leuk. En ik ben me bewust van de bekrompenheid van mijn reis¬≠aver¬≠sie, van mijn ‘beperkte denkraam’. Verandering van mensen, gewoon­ten, omgeving en spijs doet eten. Het leven hoeft niet altijd op z’n Hollands.

Toch ga ik uit mezelf liever niet op reis naar verre oorden en zeker niet naar verre steden omdat …

Het begint met de stroom toeristen waar ik me in moet storten. Ik heb geen angst voor mensenmassa’s maar op Schiphol word ik altijd een beetje verdrietig. ‘Ze’ mogen van mij maar waarom moeten ze nou zo nodig? Valt hun saldo geluk-minus-verdriet nou echt zoveel hoger uit door op reis te gaan in plaats van thuis iets leuks te doen?
Zouden die mensen allemaal ‘klimaatneutraal’ reizen of zelfs ‘maatschappijneu­traal’ vakantie vieren? Wat wordt hier een gif over de wereld uitgestort!
Zijn die feestgangers er zich van bewust wat ze veroorzaken in het gebied waar ze heen gaan? Natuurlijk: wie ben ik om een stokje te steken voor economische ont­plooiing van het doelgebied; de Waddeneilanden leven van het toerisme. Maar ooit legden kleine boeren in de Algarven het af tegen de golfbanen. Die vereisten ruim­te en water, brachten meer geld in het laadje dus: wegwezen maar. Misschien waren die boeren helemaal niet gelukkig met hun leven. Maar vertel helemaal nooit aan kennissen dat je toch zo’n ‘mooi, rustig, goedkoop en au­then­tiek’ dorpje hebt ontdekt. Vijf jaar later is al dat moois totaal vernietigd door de massatoerist.

De eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat mijn weerstand voor een deel ook zit in klein-menselijke ongemakken. Ik vind het onprettig om niet te weten welke trein of bus ik moet nemen, dat gehannes met vreemd geld, een vreemde kamer en een onbekend bed. Dat vind ik niet leuk maar ik raak er niet van over mijn toeren. Het schijnt toch zo te zijn dat relaties op de klippen lopen door vakantie­stress.

Iets anders: kun je met fatsoen op vakantie naar een land als, zeg Libi√ę? Het is daar vast mooi √®n goedkoop maar tot voor kort behoorde dat land tot de ‘as van het kwaad’; bijna dan.
En wat dan te zeggen van een reisje naar de States ‚Ķ Met z’n allen, de goeden niet te na gesproken, lieten ze Bush toch maar de macht grijpen. Erasmus draait zich om in zijn graf bij diens vernieling van het kleine beetje aan bestaande inter­natio­nale rechts- en fatsoens¬≠regels. Een minivoorbeeld: bij inreis worden je eetgewoon­ten voor de komende 25 jaar bewaard als mogelijke indicator voor criminele neigingen. (Ik heb de meereizende familie al beloofd dat ik bij de douanecontrole niet zal hikken, boeren of winden. Nou maar hopen dat ‘hunnie’ deze blog niet lezen. Beter nog: uit voorzorg wordt deze blog pas gepubliceerd na terugkeer uit het land der landen. Dit is een sneak preview.)

Bij al de hiervoor genoemde bezwaren, zijn er verzachtende omstandigheden.
Het scheelt voor mij al een heel stuk als ik de ‘inboorlingen’ kan verstaan, dat ik met ze kan praten. Het wordt pas echt anders als ik het gevoel heb dat ik ‘er’ iets te zoeken heb. Tegen beide regels heb ik al vaak gezondigd.

Reisverslag volgt.

PS:
Zou het onderstaande niet wat wezen voor het politiek programma van mevrouw Verdonk? Daarvan staat tot op heden toch nog geen letter op papier en ze heeft wat met ‘tegenhouden bij grenzen’. Beste mevrouw politica van het jaar (van NOVA dan) ‚Ķ let op! Hier komt een eerste aanzet tot uw handvest.

  • Artikel 1: Er mag alleen vakantiegereisd worden naar landen waar je je vol­doende op hebt ingeburgerd. Je kent de gewoonten, nationale feestdagen, de taal, het volkslied. Dit alles te bewijzen door te slagen voor een toeristen­toets.
  • Artikel 2: Artikel 1 geldt voor uitreizende Nederlanders, evenzo hard als voor alle inrei­zende buitenlanders. Iedereen zal, volgens de grondwet, op gelijke wijze gediscrimineerd worden.
    (De volgende artikelen zijn ge√Įnspireerd door dhr. Sietse Fritsma van de PVV.)
  • Artikel 3 sub A: In aanvulling op Artikel 2 geldt Artikel 1 in het bijzonder Nederland inreizenden uit Islamitische landen. Uitgezonderd worden slechts christenen uit bedoelde landen.
  • Artikel 3 sub B: Om voor de uitzondering van Artikel 3 sub A in aanmerking te kunnen komen, moet, afgezien van de toeristentoets, ook een geloofstoets afgelegd worden met goed gevolg.
  • Artikel 3 sub C: De toets zoals genoemd in artikel 3 sub B geldt niet voor Nederland inreizende christenen (uit Islamitische landen).

Zo eindigt een blog over ‘vakantie houden’ toch nog in het bedrog van Bush, Verdonks leegte en de domheid van die Frits Fritsie van de PVV. Onthoudt vooral die laatste naam! Domoren schoppen het ver in de Nederlandse politiek. Kok¬†– Balkende¬†– Fortuyn¬†– Wilders¬†– Ali¬†– Wiegel¬†– Bolkestein en ga zo maar door. Van Agt en Lubbers ontsnapten aan deze short list omdat ze, weliswaar op hoge leeftijd, het licht zagen.

One Response to “New York (en andere reisjes), deel I”

  1. Joris de Vries Says:

    Nu dan Frans, de reis zit erop, familie toestanden achter de rug, en de Amerikaanse douane overleefd (nou ja, op die bij de boot naar Ellis Island na dan), hoe was het? Ik kijk uit naar je verslag, maar ik vond het leuk dat jullie hier waren.

Plaats een reactie